Boekbespreking - Een andere kijk op de priester

Boekbespreking van het boek "Een andere kijk op de priester" van M. G. Neels Marcel,  M. Afr.
Uitgave Boekscout (Soest, Nederland) 2013, ISBN: 9789462067196, 148 blz. € 16,75

1. DE AUTEUR

M.G.  Marcel Neels is een missionaris op rust in de Sociëteit van Missionarissen van Afrika. Hij is bezorgd om de Kerk- en priestercrisis in eigen land en de kerken van het Westen. Daarom reflecteert en schrijft hij over vormen van kerkvernieuwing die hem te harte gaan.
Zie website van de Witte Paters van Afrika:  http://www.lavigerie.be/spip.php?article1319

2. INHOUD

Woord vooraf
Inleiding
1 De priester en godsdienst
       toen: man van de godsdienst
       nu: begeleider van Godzoekers
2 de priester en 'de openbaring'
       toen: doorgever van geopenbaarde waarheid
       nu: vertaler van de oude verhalen
3 de priester en 'god'
       toen: man van God
       nu: verwijzer naar het goddelijke
4 de priester en Jezus Christus
       toen: plaatsvervanger van Christus 
       nu: getuige van Jezus Messias
5 de priester en de kerk
       toen: vertegenwoordiger van de Kerk
       nu: bezieler van de gelovige gemeenschap
7 de priester en zijn identiteit
       toen: gewijde man
       nu: voorganger/ster in de gemeente
8 de priester en de eredienst
       toen: uitvoerder van de eredienst
       nu: bezieler van de liturgische vieringen
9 de priester en de eucharistie
       toen: ‘maker' van de Eucharistie
       nu: voorganger hij de Eucharistische viering
10 de priester en het celibaat
       toen: celibataire man
       nu: gehuwde of ongehuwde voorganger/ster
Slotbeschouwing

3. ENKELE AANTEKENINGEN NAAR AANLEIDING VAN DIT BOEKJE DOOR ARSEEN DE KESEL, 2 JUNI 2017

1. Door het feit dat het boekje zich richt tot de priester, is dit boekje minder gekend. Het is echter interessant voor gelovige en andersgelovige, voor theïst en atheïst. Dit boekje geeft op een samenvattende wijze een beeld van de ontwikkeling van het theologisch denken in de Rooms-katholieke kerk. Dit boekje is een aanrader. 

2. Van oudere priesters mag verwacht worden dat ze op de hoogte zijn van de ‘klassieke’ theologie. Ze hoeven niet al te veel uitleg hierbij. Van hen mag ook verondersteld worden dat ze zich op de hoogte houden van de ontwikkelingen in de theologie via gesprekken en lectuur. De ‘vernieuwde’ theologie en de spanningsvelden bij de priester worden weergegeven. Voor wie hiermee niet vertrouwd is, zal soms uitleg noodzakelijk zijn. Het boekje is uiterst vlot en zeer leesbaar geschreven. Het is een kunst om de materie zo helder te kunnen brengen.

3. Ik ben niet zeker of een dialoog tussen de ‘klassieke’ theologie en de ‘vernieuwde’ theologie kan slagen als men zijn eigen en verschillend interpretatiemodel niet durft bevragen. Er zijn in de voorbije jaren al zoveel initiatieven genomen voor een vernieuwde visie op allerlei gebieden van de kerk met weinig of geen resultaat. In de eigen basisgroep Te Elfder Ure haken leden af omdat de bijeenkomsten te weinig ‘sacraal’ zouden zijn. Er is dus b.v. nood aan een dialoog over de sacraliteit binnen de kerk, binnen de eigen basisgroep. 

4. In de dialoog moet men elkaars zwakke punten ter sprake durven brengen. Zo wordt het ongehuwd zijn van de priester als argument voor het sacraal karakter van de priester gebruikt. De kerk heeft veel Oudtestamentische gegevens in zijn denken opgenomen. Oudtestamentische priesters waren per definitie getrouwd; anders stierf het uit, want het werd van generatie op generatie doorgegeven. De Oudtestamentische priester lijkt me een sacraal persoon bij uitstek. 

Soms hoort men het argument dat een vrouw geen priester kan zijn omdat de priester een plaatsvervanger van Christus zou zijn. Waarom zou een vrouw Christus niet kunnen vertegenwoordigen? Discriminatie op basis van geslacht? 

5. Persoonlijk vind ik het een drama wat kerkelijke autoriteiten vandaag de gelovigen aandoet met de wijze waarop ze kerkenplannen en centrumkerken doorvoert en in sommige gevallen parochiekernen opdoekt. Er komt verontwaardiging en verzet. Hopelijk komt dit verzet niet te laat. Hopelijk haalt het iets uit. Een burcht neem je niet in met een handvol mensen, tenzij men een paard van Troje kan bedenken. 

4. ENKELE AANTEKENINGEN NAAR AANLEIDING VAN DIT BOEKJE DOOR ERIC STOFFELEN, 20 JUNI 2017

In het voorwoord geeft de auteur aan dat sinds Vaticanum II (1962 – 1965)  er reeds vele pogingen zijn ondernomen om het traditionele priesterschap te herzien, doch zonder resultaat.

1. De crisis van het priesterschap is meer dan een celibaatskwestie

Hij stelt terecht dat de oplossing van de priestercrisis niet is te vinden in de opheffing van de verplichte koppeling van het priesterschap en celibaat en in de wijding van gehuwde gelovigen. Maar dat men daarentegen fundamenteler moet gaan en het dogmatisch concept van het katholieke priesterschap zelf in vraag moet stellen.

2. De crisis van het priesterschap is de crisis van de leer

En men moet nog verder kijken, de crisis van het priesterschap is onafscheidelijk van de crisis van de katholieke leer, ethiek en het kerkelijk recht. (blz. 15). Dit komt omdat sinds de tweede helft van de twintigste eeuw de visie op God, op geloof, op de mens en op de wereld is veranderd. We staan in het westen in een nieuw paradigma. Pleisters plakken zal niet helpen: er in een bloedtransfusie nodig. (blz. 18).

Het paradigma dat voorbij is, is dit van het dualistisch, mythisch denken. Dat heeft Roger Lenaers in zijn boekjes (1) duidelijk aangetoond. Vandaar dat de priester in een spanningsveld terecht kan komen tussen de officiële kerkelijke leer die nog volledig geformuleerd is in het oude denken en wat hij zelf gelooft. (blz. 42). Dat heeft de nadenkende gelovige al zo lang begrepen. Met Vaticanum II ging er een golf van hoop en energie door de kerk. Toen de kerkleiding niet meeging  in het  ‘heruitvinden’ van de kerk maar integendeel alle verworvenheden terugschroefde, hebben  vele actieve gelovigen  én priesters hun engagement in de parochie opgezegd en gefrustreerd de officiële kerk de rug toegekeerd. Terwijl de ‘kerkleiding’ de leegloop toeschreef aan het groeiende materialisme, de secularisatie enz. Ze zocht de oorzaken steeds buiten zichzelf. Terwijl de bewuste christenen verklaarden : ik geloof nog “ondanks de kerk”, ik laat me inspireren door Jezus van Nazareth maar ik krijg de geloofsbelijdenis van Nicea niet meer over mijn lippen.

De kerkleiders hebben nagelaten de oude voorstellingen te her-talen en te herinterpreteren zodat de dieperliggende waarheden die ze uitdrukken weer levendig werden. De Bijbelse metaforen kunnen ons immers nog steeds helpen om de mysterieuze volheid van het bestaan op het spoor te komen. De evangelies blijven ‘een goddelijke weg’ naar volle menselijkheid (blz.59).

3. De crisis van het priesterschap is deze van de sacralisering van het ambt

Het instituut Kerk gaat er vanuit dat er een groot sacramenteel verschil bestaat tussen de gewijden en de leken. Maar is dat zo? Wordt dit niet gesteld om het theocratisch, dictatoriaal, feodaal systeem van besturen in stand te houden en alle inspraak van onderuit te fnuiken? Is het niet zo dat het instituut het erg moeilijk heeft met de democratie IN en BUITEN de kerk?

De sacrale priesterklasse is slechts ontstaan in de vierde eeuw toen het christendom staatsgodsdienst werd, Jezus zelf was geen priester en heeft nooit een kerk of priesterklasse gesticht. Een van de kwalijke gevolgen van deze gang van zaken is dat in een plaatselijke gelovige gemeenschap een priester van bovenuit wordt geplaatst of afgenomen zonder enige vorm van inspraak.

De sacralisering van het ambt heeft ook een kwalijk gevolg gehad voor de religieuze symbolen en rituelen. Deze werden gedogmatiseerd en tot magische sacramenten herleid. Het priesterschap van elke gelovige werd alzo een lege doos en voorbehouden aan de clerus.

Slot

Wij leven in een keerpunt van de geschiedenis van de westerse mens waarin oude ideeën en vormen niet meer relevant zijn.
De kerkelijke overheid moet de hier aangehaalde thema’s in alle openheid ter discussie stellen. Ze mag niet langer eensgezindheid verwarren met éénvormigheid. Anders zie ik de christelijke gemeenschappen in het Westen voor lange tijd verdwijnen, ondanks de moedige basisgroepen van het Bezield Verband Vlaanderen die resoluut de nieuwe weg al zijn ingegaan.
Wij moeten mensen als Marcel Neels en Daniël Leroy (2) dankbaar zijn dat ze zo duidelijk en sereen de vinger op de wonden leggen.
Als ik een vergelijking zou maken tussen de twee boekjes dan zou ik het boekje van M. G. Neels eerder karakteriseren als ‘Pastoraal bewogen’ en dit van D. R. Leroy als ‘intellectueel onderbouwd’.

1. - De Droom van Nebukadnezar. Of het einde van een middeleeuwse kerk. Roger Lenaers ,160 blz., Berg en Dal/Leuven, 2000
- Uittocht uit oudchristelijke mythen. Roger Lenaers, Berg en Dal/Leuven, 2002
- Al is er geen God-in-den-hoge. Een vervolg op 'De droom van Nebukadnezar'. Roger Lenaers 208 blz., Kapellen, 2009
- Op verkenning in een nieuw land. Roger Lenaers, 176 blz., Kapellen, 2011
- Jezus van Nazaret. Een mens als wij? Roger Lenaers ,109 blz., Kalmthout, 2015
2. - Voorbij de crisis in de kerk? Van ambt tot voorganger. Daniël R. Leroy, 128 blz. Gent 2017

Vertel het verder: